|


| |
Door: Maarten Kappen, dierenarts
Wat verstaan we onder medische
beeldvorming in de diergeneeskunde? Medische beeldvorming is het door middel van
diverse technieken nader bekijken van een onderdeel van het lichaam. Bepaalde
aspecten van dit onderdeel of orgaan worden hiermee naar voren gehaald.
Van de diverse technieken die ons
ter beschikking staan is de röntgenologie of radiologie de bekendste. Daarnaast
kennen we de echografie, MRI, CT-scan, scintigrafie en scopie
Technieken
Tegenwoordig heeft vrijwel iedere
dierenartsenpraktijk de beschikking over een röntgenapparaat met ontwikkelunit
en een groot aantal heeft tevens een echoapparaat en diverse scopen. Voor MTI.
CT-scan en scintigrafie zal de patiënt veelal doorverwezen worden naar grote
specialistische klinieken of de universiteit. Ook zijn er veterinaire
specialisten in het land die als second opinion kunnen dienen, veelal digitaal,
voor de interpretatie van röntgen- of echobeelden. Achtereenvolgens zullen we de
diverse technieken de reveu laten passeren en de (on)mogelijkheden bespreken.
Radiologie
Het bestaan van röntgenstralen werd
iets meer dan een eeuw geleden, in 1895, ontdekt door de Duitser Wilhelm Conrad
Röntgen. Röntgenstralen zijn electromagnetische stralen die zich verplaatsen met
de snelheid van het licht. Ze bezitten een groot doordringend vermogen en geven
tevens energie af aan de materie waar ze doorheen gaan (ionisatie). De stralen
worden door de diverse weefsels op verscillende wijze verzwakt en deze
uittredende stralen kunnen vervolgens op een foto worden vastgelegd. Afhankelijk
van de samenstelling van de diverse weefsels zien we op de foto zwarte, grijze
en witte beelden in allerlei gradaties. Zo is luchthoudend longweefsel vrijwel
zwart op de foto en zijn botten vrijwel wit.
Tweedimensionaal
Op een röntgenfoto wordt alles
afgebeeld in een plat, tweedimensionaal vlak. Weefsels die over elkaar heen
liggen worden dus ook over elkaar heen geprojecteerd. Dit is de reden dat
röntgenfoto’s altijd in twee richtingen moeten worden gemaakt, van voor naar
achteren en van links naar rechts. Bij de interpretatie van de foto zal hiermee
rekening moeten worden gehouden. De röntgenfoto geeft een indruk over de
grootte, vorm, afgrenzing en de onderlinge verhoudingen van de verschillende
weefsels, en in mindere mate over de structuur van de weefsels (zie echografie).
Uitzondering hierop is bot, want daarvan is de structuur in het algemeen prima
te beoordelen.
Mogelijkheden
Door middel van röntgenstraling
kunnen we diagnostische foto’s maken in het kader van het opsporen van een
ziekte. We kunnen het middel ook gebruiken als preventieve screening bij
bepaalde gewrichts- of botaandoeningen, zoals heupdysplasie (HD) of
elleboogdysplasie (ED). Daarnaast is het mogelijk om een röntgenfilm te maken
van bewegingen (bijvoorbeeld de slokdarm tijdens het slikken); we noemen dat dan
doorlichten. Hierbij wordt dan meestal gebruik gemaakt van een
röntgencontrastmiddel. Je kunt daarmee structuren zichtbaar maken die met
normale röntgenfoto’s niet zichtbaar zijn. Andere voorbeelden hiervan zijn het
zichtbaar maken van het ruggemerg bij rugproblemen (myelografie), of het
inbrengen van contrastmiddel in de blaas om eventuele stenen of blaasafwijkingen
vast te stellen (cystigrafie). Tenslotte wordt in de tumorbehandeling gebruik
gemaakt van röntgenstraling om tumorcellen te doden; dit is het zogenaamde
bestralen.
Ook negatieve gevolgen
Naast de diagnostische en
therapeutische voordelen zijn er ook negatieve gevolgen. Röntgenstraling
Heeft door de ionisatie van de
weefsels een beschadigd effect; het veroorzaakt groeibelemmering, verwoesting
van epitheel (bovenste laag van de huid en slijmvliezen), het veroorzaakt
ontsteking en beschadigt de genen. Dat is de reden waarom alleen gekwalificeerd
personeel met röntgenstraling mag werken en we ons hiertegen gedegen moeten
beschermen. Deze bescherming bestaat uit een kamer met lood in de wanden en
deuren, het dragen van een loodschort, loodhandschoenen en een
schildklierbeschermer. Vooral de directe stralenbundel uit de röntgenbuis moet
worden vermeden. Röntgenpersoneel is verplicht een röntgenbadge te dragen die de
jaarlijkse stralingsbelasting per persoon meet. Zwangere vrouwen en kinderen
onder de 18 jaar mogen niet assisteren bij het maken van röntgenfoto’s; de
straling is het meest schadelijk voor groeiende weefsels.
Meest gebruikte indicaties
Overzicht van de meest gebruikte
indicaties in de praktijk: botten en gewrichten, inclusief wervelkolom en
schedel, met name in het kader van screeningsonderzoek voor de fokkerij op heup-
en elleboogdysplasie, botbreuken, arthrose, groeistoornissen. Buikholte bij
maagproblemen, blaas, baarmoeder, prostaat, lever, milt, nieren. Borstholte voor
onderzoek naar longen, hart, middenrif, slokdarm, ingeslikte vishaak of kauwbot.
Hoofd/hals gebied bijvoorbeeld voor het maken van een slikfilm, aangeboren
afwijkingen van de slokdarm.
Echografie
De medische diagnostische
echografie komt voort uit de marinewereld, waar door middel van sonar de
contouren van de bodem van de zee wordt bekeken. Echografie werkt middels
geluidsgolven die uitgezonden worden in de weefsels, en de weerkaatsing hiervan
wordt vervolgens omgezet in een elektrisch signaal dat geregistreerd wordt op
een beeldscherm. Hierbij wordt steeds een doorsnee weergegeven van het
onderzochte weefsel. De geluidsgolven gaan met verschillende snelheden door de
diverse weefsels heen, en afhankelijk van deze snelheid zijn de weefsels meer of
minder goed in beeld te brengen. Luchthoudende weefsels zijn, in tegenstelling
tot de radiologie, met echografie niet in beeld te brengen. Echter met vloeistof
gevulde weefsels zijn juist betere in beeld te brengen. Hiermee is direct
duidelijk waarom radiologie en echografie soms naast elkaar gebruikt worden om
tot een juiste diagnose te komen. Echografie geeft naast de vorm en grootte van
het weefsel ook informatie over de structuur van een orgaan of weefsel. Doppler
is een andere vorm van echografie; hierbij wordt beweging in de tijd
weergegeven. Met name voor onderzoek van het hart wordt (kleuren-) doppler
frequent toegepast. De bekendste toepassing van de echografie is het vaststellen
van de dracht. In tegenstelling tot röntgen is echo niet schadelijk.
Meest gebruikte indicatie
Voorbeelden van de meest gebruikte
toepassingen in de diergeneeskunde: buikhole voor onderzoek naar bijvoorbeeld
darmafsluitingen, tumoren in maag, darm, lever, milt, nier, blaas, baarmoeder en
eierstok, prostaat. Het vaststellen van drachtigheid. Borstholte voor onderzoek
van het hart. Scannen van pezen.
CT-scan
Computer tomografie is gebaseerd op
het röntgenprincipe en bestaat sinds 1973. hierbij is de fotocassette vervangen
door een banaanvormige detector die beelden in de computer opslaat in de vorm
van dwarsdoorsnedes. Er wordt als het ware een doorlopend beeld verkregen van
steeds weer hele kleine plakjes. De patiënt ligt in een detector en schuift hier
doorheen. De computer is in staat reconstructies van beelden te maken en zelfs
driedimensionale plaatjes. Momenteel heeft alleen de faculteit Diergeneeskunde
in Utrecht een CT-scan. Doordat de apperatuur en de bediening hiervan zo
kostbaar is, zijn de onderzoeken dit ook. Het grote voordeel van de CT-scan is
de zeer gedetaileerde informatie die hieruit verkregen kan worden.
MRI
Magnetische resonantie beeldvorming
(imaging) werd in de diagnostische medische beeldvorming in 1977 geïntroduceerd.
Het principe berust op het feit dat het lichaam is opgebouwd uit atomen die
fungeren als een soort magneet met een positieve en een negatieve lading. Door
middel van radiogolven kan een signaal van de magneetjes worden opgevangen met
antennes; hiermee kan de computer een beeld vormen. Groot voordeel van de MRI is
dat er geen gevaarlijke straling wordt gebruikt en dat in ieder vlak een beeld
kan worden gevormd. Vooral voor het registreren van bepaalde afwijkingen in weke
delen is deze methodiek zeer geschikt. Ook de MRI staat alleen op de faculteit
Diergeneeskunde en is kostbaar.
Scitigrafie
Scintigrafie is nucleair onderzoek
waarbij licht-radioactieve stoffen worden ingespoten in het bloed van de
patiënt. Afhankelijk van de soort stof die wordt ingespoten kan er schildklier,
botweefsel of ontstekingsweefsel in beeld worden gebracht. Ook bepaalde
behandelingen zijn mogelijk met behulp van radioactief gelabelde stoffen. De
toepassing is voor dieren nog maar recent mogelijk in Nederland (Lienden).
Scopie
Van een geheel andere orde zijn de
scopiën. Dit zijn onderzoeken met een kijkbuis in lichaamsholten zoals
bijvoorbeeld het kniegewricht, de blaas of de maag. Hierop zullen we een andere
keer nader ingaan.
Informatie:
Kliniek voor Gezelschapsdieren Eersel
Hint 16 b, 5521 AH Eersel
Tel.: 0497-518000
fax: 0497-518655
E-mail:
kvgd.eersel@hetnet.nl
Homepage:
www.kvgd-eersel.com
Bron: Onze Hond, 10/2004
|